Lookbook maken voor beginners: zo stel je een persoonlijke stijlgids samen

Open notitieboekje met outfitschetsen en kleurstalen voor een persoonlijk lookbook

Je staat voor een volle kledingkast en toch voel je dat je ‘niets hebt om aan te trekken’. Niet omdat er te weinig hangt, maar omdat je geen idee hebt wat er eigenlijk is en hoe het samenwerkt. Een lookbook maken geeft je dat overzicht: een persoonlijke stijlgids met outfits die bij jou passen, die je elke ochtend sneller aankleden en bij het shoppen voorkomt dat je thuiskomt met iets wat nergens bij past. Je hebt geen stylist nodig en geen ontwerpervaring. Wat je wel nodig hebt, is dit stappenplan.

Stap 1: Bepaal het doel van jouw lookbook

Voordat je ook maar één foto uitknipt of screenshot maakt, moet je één vraag beantwoorden: waarvoor gebruik ik dit lookbook straks? Het antwoord bepaalt namelijk alles, van hoe gedetailleerd je te werk gaat tot welk formaat je kiest.

Er zijn drie veel voorkomende doelen. De eerste is een shoppinggids: je wil bewuster kopen en minder verspillen. De tweede is een capsule wardrobe opbouwen, waarbij je met een beperkt aantal kledingstukken zoveel mogelijk combinaties maakt. De derde is een dagelijkse outfitplanner, zodat je elke ochtend zonder nadenken een complete look bij elkaar hebt. Een combinatie mag ook, maar kies dan één hoofddoel. Anders wordt het lookbook een chaotisch verzamelbak die je na twee weken nooit meer opent.

Wij van Knap.be raden beginners aan om te starten met het shoppinggids-doel. Het is het meest tastbaar en je merkt snel resultaat, wat motiverend werkt om ermee door te gaan.

Stap 2: Doe eerst een kledingkastaudit

Nog geen plaatje verzameld, want eerst: je eigen kast door. Haal alles eruit, leg het op je bed en wees eerlijk. Wat draag je écht? Wat hangt er al twee jaar ongedragen omdat het niet lekker zit, te klein is of gewoon nooit de juiste match vindt? Noteer het per categorie: tops, broeken, jurken, schoenen, accessoires.

Dit klinkt als huishoudelijk klusje, maar het is de fundering van je lookbook. Als je niet weet wat je al hebt, bouw je een stijlgids op een wankel fundament. De audit geeft je ook direct inzicht in je blinde vlekken: heb je vijf zwarte broeken maar geen enkele goede basistrui? Dan weet je waar je je aandacht op richt.

Maak ook een korte notitie bij elk kledingstuk dat je al lang niet hebt gedragen. Waarom draag je het niet? Te ongemakkelijk? Past niet bij iets anders? Die antwoorden vertellen meer over jouw stijl dan welke Pinterest-bord dan ook.

Stap 3: Verzamel inspiratie zonder filter

Nu mag je los. Open Pinterest, scroll door je Instagram-saves, pak oude tijdschriften, maak screenshots van webshops. In deze fase is kwantiteit belangrijker dan kwaliteit. Sla alles op wat je aanspreekt, ook als je niet precies weet waarom. Een broek die je mooi vindt op iemand anders, een kleurencombinatie in een advertentie, een straatfoto van iemand in Antwerpen of Amsterdam die je doet denken: ja, dat wil ik ook.

Geef jezelf hier minimaal een week de tijd. Doe het terloops, niet in één geforceerde sessie van drie uur. Echt iets aan een lookbook fashion maken begint bij het eerlijk opbouwen van een inspiratiebibliotheek die jou weerspiegelt, niet de stijl die je denkt te moeten hebben.

Stap 4: Destilleer je stijlpatronen

Na een week vol sparen is het tijd om te analyseren. Leg alles naast elkaar, digitaal of fysiek, en zoek naar patronen. Welke kleuren komen steeds terug? Grijp je vaker naar oversized silhouetten of juist tailored fits? Zie je veel linnen en katoen, of juist glanzende stoffen? Benoem het concreet: niet “ik hou van rustige kleuren” maar “ik kies steeds voor gebroken wit, zandbeige en donkergroen, en bijna nooit voor felle tinten”.

Dit is het moment waarop veel mensen voor het eerst echt hun eigen stijl zien. Niet wat ze dénken te zijn, maar wat ze keer op keer aantrekkelijk vinden. Die eerlijkheid is goud waard voor de rest van het proces.

Stap 5: Stel je kleurenpalet vast

Op basis van je stijlpatronen kies je nu een kleurenpalet. Houd het beperkt: maximaal vier basiskleuren en twee accentkleuren. Basiskleuren zijn de tinten die je draagt in broeken, jassen en truien. Accentkleuren zitten in accessoires, sjaals of één statement item per outfit.

Kijk ook naar je eigen huidskleur. Warme huidtinten dragen mooier in aardtinten, camel en olijfgroen. Koelere huidtinten staan goed in blauw, roze en grijs. Dat is geen wet, maar een handige basis. En het liefst sluit je palet aan op wat je al in je kast hebt. Een kleurenpalet dat botst met je bestaande garderobe helpt je op dit moment niet verder.

Schrijf je palet op of maak een visueel overzicht. Dit wordt straks een van de eerste pagina’s van je lookbook.

Stap 6: Bouw je outfitpagina’s op

Nu wordt het concreet. Pak de kledingstukken uit je kast die je daadwerkelijk draagt en combineer ze tot complete looks. Denk aan het geheel: schoenen, tas, eventueel een riem of sieraad. Leg de combinatie plat op de vloer en fotografeer die met je telefoon, of schets de look simpel op papier. Het hoeft er niet professioneel uit te zien, het moet duidelijk zijn voor jou.

Stel per look ook vast voor welke gelegenheid of moment die werkt. Een look voor de werkvloer in een creatieve sector ziet er anders uit dan een look voor een zomers terrasje op vrijdagavond. Maak eventueel categorieën: werk, vrije tijd, avond, sportief casual. Zo wordt het lookbook écht bruikbaar.

Stap 7: Kies je formaat

Digitaal of fysiek, beide werken. De vraag is hoe jij informatie verwerkt. Ben je iemand die altijd met je telefoon bezig is en graag snel iets opzoekt? Dan is een digitale versie in Canva of Notion de beste keuze. Notion is fijn als je graag filtert per gelegenheid of seizoen. Canva werkt beter als je het visueel mooi wil houden en regelmatig wil afdrukken.

Houd je meer van papier en ben je het soort persoon dat ideeën in een notitieboekje verwerkt? Kies dan voor een ringband of een schetsboek. Plak prints uit, schrijf erbij, voeg stofstalen toe als je dat leuk vindt. Een fysiek lookbook is tactiel en sommige mensen denken daardoor beter na over hun keuzes dan via een scherm.

Wij kiezen bij twijfel altijd voor de versie die je het minst moeite kost om bij te houden. Het meest perfecte formaat dat je nooit opent, helpt je helemaal niets.

Stap 8: Voeg een persoonlijke stijlregel toe aan elke look

Dit is het stapje dat het verschil maakt tussen een mooi moodboard en een echt bruikbare stijlgids. Schrijf bij elke outfitpagina één zin die uitlegt waarom deze combinatie voor jou werkt. Niet algemeen, maar specifiek. Bijvoorbeeld: “De wijde broek balanceert mijn brede schouders en de korte blazer houdt de proportie goed.” Of: “Deze kleurencombinatie geeft me energie op maandagochtend.” Of simpelweg: “Dit draag ik als ik me wil verschuilen maar er toch verzorgd uit wil zien.”

Die zin helpt je later, bij het samenstellen van nieuwe looks of bij het shoppen, om terug te grijpen naar de logica achter je keuzes. Het maakt je eigen stijl begrijpelijk voor jezelf.

Stap 9: Test het vier weken in de praktijk

Je lookbook is nu klaar voor gebruik, maar nog niet af. De echte test is de komende vier weken. Gebruik het elke ochtend als je je aankleedt en houd bij welke looks je daadwerkelijk draagt. Kruis ze af, zet een vinkje, gebruik een kleurcodering in Notion: het maakt niet uit hoe. Als je merkt dat je een bepaalde look drie weken overslaat, schrap die dan. Als een combinatie altijd als eerste je oog vangt, dan weet je dat die pagina goud waard is.

Geen oordeel over jezelf als de helft van je zorgvuldig samengestelde looks toch niet werkt in de praktijk. Dat is geen mislukking, dat is informatie. Een lookbook is een levend document, geen heilig boek.

Stap 10: Gebruik het als shoppingfilter

Vanaf nu is je lookbook ook je belangrijkste wapen bij het shoppen. De regel is eenvoudig en streng: een nieuw kledingstuk verdient alleen een plek in je kast als het in minstens drie bestaande looks past. Niet twee, niet één. Drie.

Dit voorkomt impulsaankopen van items die je thuis plotseling nergens bij kunt combineren. Zie je een mooie terra-kleurige linnen blouse op een webshop? Open je lookbook en check of die past bij je gebroken witte broek, je camel jas én je donkergroene midi-rok. Zo ja, dan mag die blouse mee. Zo nee, dan bedank je jezelf later voor de zelfbeheersing.

Een lookbook samenstellen kost een paar uur, verspreid over een aantal dagen of weken. Wat je ervoor terugkrijgt is een kast vol kleding die je ook echt draagt, minder gedoe voor de spiegel en een stuk bewuster winkelgedrag. Begin met de kledingkastaudit, ook als je nu maar een kwartier hebt. De rest volgt vanzelf. Wij van Knap.be raden aan om het lookbook regelmatig bij te werken: je stijl verandert, en je gids mag meeveranderen.

vorige blog

Taupe, petrol of cyclaam: hoe kies je een kledingkleur die echt bij je past

withemes on instagram