Genderneutrale voornaamwoorden in het Nederlands: wat ze betekenen en hoe je ze gebruikt

Diverse collega's in gesprek op de werkvloer

Je introduceert een nieuwe collega tijdens een vergadering en halverwege je zin twijfel je: zeg je nu ‘hij’ of ‘zij’? Je kent de persoon nog niet goed genoeg om het zeker te weten, en vragen voelt op dat moment onhandig. Dat herkenbare moment is precies waar genderneutrale voornaamwoorden om de hoek komen kijken. Wij van Knap.be leggen uit welke voornaamwoorden er zijn, wat ze betekenen en hoe je ze in de praktijk gebruikt, zonder dat je er een taalkundige voor hoeft te zijn.

Veelgestelde vraag 1: Wat zijn genderneutrale voornaamwoorden en welke worden er in het Nederlands gebruikt?

Genderneutrale voornaamwoorden zijn voornaamwoorden die geen mannelijk of vrouwelijk geslacht aanduiden. In het Engels is ’they’ inmiddels vrij ingeburgerd. In het Nederlands zijn de meest gebruikte opties:

  • die / diens: het meest voorkomende genderneutrale voornaamwoord in het Nederlands. ‘Die’ als onderwerp of lijdend voorwerp, ‘diens’ als bezittelijk voornaamwoord.
  • hen / hun: soms gebruikt als enkelvoud, naar analogie met het Engelse ’they/them’.
  • ze: wordt door sommige mensen gebruikt als neutraal alternatief, al heeft ‘ze’ in het Nederlands van oudsher een vrouwelijke connotatie.
  • de naam herhalen: simpelweg de naam van de persoon blijven gebruiken in plaats van een voornaamwoord. Dit klinkt soms wat omslachtig, maar het is altijd foutloos.

Welke optie iemand prefereert, verschilt per persoon. Vraag het gewoon na als je het niet weet.

Veelgestelde vraag 2: Is ‘die’ niet gewoon een verwijswoord voor dingen?

Goede vraag, want dit is precies wat mensen struikelt. In het Nederlands gebruiken we ‘die’ inderdaad als aanwijzend voornaamwoord (‘die tafel’, ‘die auto’). Maar ‘die’ heeft in het Nederlands ook al lang een persoonsfunctie: denk aan ‘die ziet er goed uit’ of ‘wie is die?’ Als iemand ‘die’ als persoonlijk voornaamwoord gebruikt, werkt het eigenlijk op dezelfde manier. De betekenis wordt duidelijk uit de context.

Het voelt in het begin misschien onwennig, maar taal past zich altijd aan aan gebruik. Dat is niet nieuw: ‘je’ was ooit ook dialectisch en informeel, en nu gebruik je het de hele dag.

Veelgestelde vraag 3: Waarom kiezen mensen voor genderneutrale voornaamwoorden?

De redenen zijn heel persoonlijk en niet altijd zichtbaar van buitenaf. Sommige mensen identificeren zich als non-binair of genderneutraal en passen daar bij hun voorkeur voor voornaamwoorden. Anderen voelen zich niet thuis bij de strikte tweedeling ‘hij’ of ‘zij’. Weer anderen zijn nog in een proces van zelfontdekking.

Het is niet nodig om de achtergrond van iemand te begrijpen om die voorkeur te respecteren. Je hoeft ook niemands medische of persoonlijke verhaal te kennen om een naam of voornaamwoord correct te gebruiken. Dat doe je immers ook bij elke andere collega of vriend.

Veelgestelde vraag 4: Hoe weet je welke voornaamwoorden iemand gebruikt?

Er zijn een paar situaties waar je dit kunt oppikken zonder het raar te vragen. Kijk eerst of iemand voornaamwoorden vermeldt in een e-mailhandtekening of LinkedIn-profiel (dat ziet er dan zo uit: ‘Naam, die/diens’ of ‘Naam, they/them’). Dat is een duidelijk signaal.

Introduceert een collega iemand en noemt daarbij de voornaamwoorden? Dan neem je die mee. Weet je het niet en wil je het vragen, doe het dan op een rustig, neutraal moment: ‘Hoe spreek ik jou aan, welke voornaamwoorden gebruik jij?’ Dat is geen aanval, dat is interesse.

Wij van Knap.be merken dat steeds meer werkplekken dit soort vragen normaliseren. Als het voor jou ongemakkelijk voelt, zeg dan gewoon eerlijk: ‘Ik wil je correct aanspreken, welke voornaamwoorden gebruik je?’ Dat gesprekje duurt dertig seconden en voorkomt een hoop misverstanden.

Veelgestelde vraag 5: Hoe gebruik je ‘die’ en ‘diens’ correct in een zin?

Hier zijn een paar concrete voorbeelden, zodat het direct duidelijk is:

  • In een gesprek: ‘Die heeft gisteren de presentatie gegeven, was echt goed.’
  • Over een afwezige collega: ‘Ik heb het met Sam besproken. Die stuurt het contract vanmiddag nog door.’
  • Met ‘diens’ als bezittelijk voornaamwoord: ‘Diens voorstel was precies wat we nodig hadden.’
  • In een e-mail: ‘Ik wil jullie voorstellen aan Robin. Die begint volgende week als projectleider en diens eerste prioriteit is het relancedossier.’

Merk je dat het soms wat stijf klinkt? Dan is ‘naam herhalen’ een prima alternatief: ‘Ik wil jullie voorstellen aan Robin. Robin begint volgende week en Robin’s eerste prioriteit…’ Dat klinkt informeler maar is altijd correct.

Veelgestelde vraag 6: Hoe wen je eraan als het nieuw voor je voelt?

Het is volkomen normaal dat het in het begin onhandig voelt. Taal zit diep en aanpassen kost oefening. Een paar technieken die echt helpen:

Hardop oefenen: zeg thuis een paar zinnen over de persoon in kwestie, met de juiste voornaamwoorden. Klink je een beetje gek alleen thuis? Prima, zo went het sneller.

Mentaal herhalen: hoor je de naam van die persoon, koppel dan direct het voornaamwoord eraan in je hoofd. Gewoon als een snelle herinnering aan jezelf.

Aantekeningen: sommige mensen schrijven het even op bij een contact in hun telefoon of agenda, zeker als ze iemand niet dagelijks zien. Dat is niet raar, dat is praktisch.

De meeste mensen die dit voor het eerst doen, merken dat het na een week of twee vanzelf gaat. Geef jezelf die tijd.

Veelgestelde vraag 7: Wat doe je als je het verkeerde voornaamwoord gebruikt?

Het gaat een keer mis. Dat is oké. Hoe je ermee omgaat is wat telt. De gouden regel: herstel het kort, ga verder en maak er geen groot nummer van.

Concreet: je zegt ‘zij’ terwijl het ‘die’ moet zijn. Je merkt het zelf op of iemand wijst je erop. Zeg dan simpelweg: ‘Sorry, ik bedoel: die heeft dat gedaan.’ En dan verder. Geen uitgebreide excuses, geen zelfkritiek van vijf minuten. Dat trekt de aandacht juist naar de fout en maakt het ongemakkelijk voor de ander.

Wat je zeker niet doet: doen alsof er niets is. Of verdedigen waarom het ‘logisch’ was dat je het fout had. Gewoon corrigeren en door.

Veelgestelde vraag 8: Hoe ga je hiermee om op de werkvloer?

Stel dat jij wél weet welke voornaamwoorden een collega gebruikt, maar je hoort een andere collega die fout gaan. Mag je dat corrigeren? Ja, maar doe het met tact. Als het in een groepsgesprek gebeurt, kun je rustig zeggen: ‘Ik geloof dat Sam liever die gebruikt.’ Geen aanklacht, gewoon informatie.

Als het steeds terugkomt bij dezelfde persoon, is een kort gesprek onder vier ogen beter dan elke keer publiekelijk corrigeren. Dat is fijner voor iedereen.

Als jij zelf degene bent wiens voornaamwoorden regelmatig fout gaan op kantoor: je hebt het recht om dat aan te kaarten. Bij een collega direct, bij een patroon eventueel via HR. Dat is geen drama maken, dat is gewoon vragen wat je verdient.

Veelgestelde vraag 9: Zijn genderneutrale voornaamwoorden officieel Nederlands?

De Nederlandse Taalunie erkent dat het gebruik van ‘die’ als persoonlijk voornaamwoord in opmars is en beschrijft het als een taalkundige ontwikkeling die serieus genomen wordt. Het is geen ‘modeverschijnsel’ dat snel weer verdwijnt, maar een verschuiving die past in hoe taal altijd al is geëvolueerd.

Het enkelvoudige ‘hen’ en ‘hun’ voor personen die zich niet in hij/zij herkennen, is minder standaard in het Standaardnederlands maar wordt wél breed begrepen en gebruikt in de praktijk. Taal is geen statisch systeem: wat vandaag ongewoon klinkt, is over tien jaar misschien vanzelfsprekend. Net zoals ‘mail sturen’ ooit een rare zin was.

Veelgestelde vraag 10: Wat als iemand meerdere sets voornaamwoorden gebruikt?

Dit komt vaker voor dan je denkt. Iemand zegt bijvoorbeeld: ‘Ik gebruik zowel hij als die.’ Dat betekent dat je beide mag gebruiken, door elkaar of afhankelijk van de situatie. Het is geen vergissing of twijfel van hun kant, het is gewoon een voorkeur die ruimte laat.

Praktisch: als je het niet zeker weet welke je wanneer gebruikt, kun je dat gewoon vragen. ‘Heb je een voorkeur in bepaalde situaties?’ Dat is helemaal oké. En anders gebruik je gewoon de naam, dan zit je altijd goed.

De kern is simpel: weet je het niet, vraag het dan gewoon. Maak je een fout, herstel die kort en ga verder. Genderneutrale voornaamwoorden vragen wat oefening, maar dat geldt voor elke nieuwe gewoonte. Hoe vaker je ze gebruikt, hoe natuurlijker het voelt.

vorige blog

Tijdelijk werk in logistiek, retail en horeca: zo onderhandel je betere voorwaarden en vermijd je valkuilen

volgende blog

Skincare in minder dan tien minuten per dag: een micro-routine voor wie constant weinig tijd heeft

withemes on instagram